Veelgestelde vragen

1. Welke warmteposten mag een leverancier in rekening brengen?
  • Kosten voor verbruik warmte
    Deze kosten mogen niet hoger zijn dan de maximumprijs die de Autoriteit Consument en Markt (ACM) heeft vastgesteld. De maximumprijs bestaat uit een vast bedrag (vastrecht) en een bedrag per verbruikte Gigajoule.
  • Huur warmtewisselaar (indien aanwezig)
    Een warmtewisselaar is een installatie die de warmte van stadsverwarmingbuizen naar de cv-installatie in de woning overbrengt. Warmtewisselaars komen voor bij stadsverwarming en bij wko-installaties. De ACM heeft geen tarief vastgesteld voor de huur van een warmtewisselaar, er is alleen in de wet vastgelegd dat de kosten  “redelijk” moeten zijn. Als er geen warmtewisselaar aanwezig is  dan mogen er uiteraard ook geen kosten in rekening worden gebracht. Is er wel een warmtewisselaar, maar vindt u de kosten onredelijk, dan moet u zich wenden tot de leverancier. Als u er samen niet uitkomt dan kunt u de geschillencommissie inschakelen.
  • Meterhuur of de kosten voor het meten
    Dit is een door ACM vastgesteld tarief voor het meten van het warmteverbruik. Als er geen warmtemeters zijn, dan zijn dit de kosten voor de uitvoering van de kostenverdeelsystematiek (administratiekosten van maximaal 2 procent)
2. Mag de leverancier het tarief ook achteraf vaststellen?
Nee, de Warmtewet schrijft voor dat er vooraf een prijs moet worden afgesproken met de verbruiker, in een leveringsovereenkomst. Wel mogen de prijzen periodiek gewijzigd worden, mits dit vooraf wordt aangekondigd.
3. Wat kunnen huurdersorganisaties doen om de kosten te beperken?
Voor 1 januari 2014 mocht een verhuurder die warmte leverde via blokverwarming aan zijn huurders, en dit via de servicekosten afrekende, slechts de werkelijke kosten doorberekenen. Op het doorberekenen van warmte mocht dus geen winst worden gemaakt.
De Warmtewet zou dit niet anders moeten maken. Maak daarom met uw verhuurder de afspraak dat hij niet meer dan de werkelijke warmtekosten in rekening brengt, en zeker niet meer dan het maximumtarief zoals vastgesteld door de ACM.
4. Moet mijn leverancier een nieuwe leveringsovereenkomst opstellen?
De Warmtewet stelt verplicht dat de leverancier een leveringsovereenkomst opstelt, waar minimaal in staat vermeld:
  • personalia en gegevens leverancier;
  • omschrijving levering en kwaliteit hiervan (zoals aanvoertemperatuur);
  • prijsafspraken;
  • mogelijkheid om geschillen voor te leggen aan een onafhankelijke geschillencommissie;
  • compensatieregeling bij storing;
  • Als deze voorwaarden nog niet in een leveringsovereenkomst (van voor 1 januari 2014) zijn afgesproken, moet er een nieuwe schriftelijke leveringsovereenkomst worden opgesteld.
    Omdat het een overeenkomst betreft kan een leverancier de nieuwe bepalingen niet zomaar eenzijdig (dus zonder instemming van de verbruiker) wijzigen.

    5. Op welke manier moeten tariefswijzigingen gecommuniceerd worden?
    Als de prijzen voor de levering van warmte (tussentijds) wijzigen, moet de leverancier dat ‘op toereikende wijze’ communiceren aan de verbruiker. Dat staat in artikel 2 lid 5 van de Warmtewet. Welke wijze van communiceren als ‘toereikend’ wordt gezien staat niet nader omschreven. Er kan een specifiek aan u gerichte brief mee bedoeld worden, maar bijvoorbeeld ook een mededeling in een (digitale) nieuwsbrief of een informatiekrantje.

    Let op: een (tussentijdse) tariefswijziging is iets anders dan wijziging van het voorschotbedrag. Over de wijziging van voorschotbedragen hoort u altijd een brief te krijgen. Pas na een eindafrekening mag uw leverancier een nieuw voorschotbedrag voorstellen. Er zijn geen tussentijdse wijzigingen mogelijk zonder uw instemming.

    6. Krijg ik geld terug als de verwarming langdurig uitvalt?
    Ja, dat is wel de bedoeling. Art. 4 lid 1 van de Warmteregeling voorziet in financiële compensatie voor storingen die voor langer dan 4 uren tot een onderbreking van de levering van warmte leiden. Alleen voorziene onderbrekingen (zoals gepland onderhoudswerk) zijn van de compensatie uitgezonderd. Een leverancier moet huurders ook compensatie geven voor langdurige storingen die voortkomen uit gebreken aan de binneninstallatie. Voor huurders gelden wat dat betreft iets andere regels dan voor huiseigenaren. Dat blijkt uit de warmtewethandreiking van Aedes Vereniging van Woningcorporaties.
    7. Mag een leverancier omrekenen van m3 naar GJ?
    Nee, dat mag niet. Deze wijze van omrekenen wordt als onvoldoende nauwkeurig beschouwd. De wet verplicht leveranciers om Gigajoulemeters te plaatsen. Als individuele Gigajoulemeters technisch niet mogelijk is -bijvoorbeeld bij blokverwarming- dan moet er een Gigajoulemeter worden geplaatst achter de centrale ketel, en de radiatoren in de woningen moeten radiatormeters krijgen. Is er nog geen GJ-meter? Dan mag in de tussentijd gerekend worden dmv extrapolatie.
    8. Wat als ik weiger de leveringsovereenkomst te tekenen?
    In principe bent u niet gehouden om de leveringsovereenkomst te tekenen. Een leverancier mag slechts onder zeer uitzonderlijke omstandigheden de levering onderbreken of afsluiten. Zelfs wanneer u een betalingsachterstand heeft is de leverancier verplicht om eerst te proberen een betalingsregeling met u te treffen voordat hij de warmtelevering staakt. Het niet tekenen zou dus niet per definitie moeten leiden tot het uitblijven van warmte. Aangezien u als gebonden verbruiker bent aangewezen op uw warmteleverancier en dus geen keuzevrijheid hebt, zou u meer onderhandelingsruimte moeten hebben over de leveringsovereenkomst dan bij een reguliere aansluiting op gas het geval zou zijn.
    9. Mijn warmteleverancier is een verhuurder. Waar kan ik terecht bij een geschil?
    Dat hangt af van wie de leverancier is. Is de verhuurder leverancier? Dan kunt u het geschil via een procedure eindafrekening servicekosten en nutsvoorzieningen aan de huurcommissie voorleggen. Betaalt u via de verhuurder aan de warmteleverancier (energiebedrijf)? Dan kunt u naar de Geschillencommissie Energie. Betaalt u aan een ‘Energie BV’ van de verhuurder, dan is het nog niet helemaal duidelijk waar u terecht kunt. De Woonbond wil dat deze huurders ook naar de Huurcommissie kunnen.
    10. Mijn warmteleverancier is een VvE. Waar kan ik terecht bij een geschil?
    Dat is nog niet helemaal duidelijk. De Woonbond gaat hierover met Aedes en het ministerie voor Economische Zaken in gesprek.
    11. Kan ik overleg afdwingen met de VvE die warmte levert?
    Nee. Bewonerscommissies en huurdersorganisaties kunnen op grond van de Overlegwet op bepaalde punten overleg afdwingen met hun verhuurder. Wanneer niet uw verhuurder maar de VvE de warmte levert, kunt u op grond van de Overlegwet geen overleg afdwingen met deze VvE. Zolang uw verhuurder nog leverancier is, kunt u natuurlijk wel afspraken maken met uw verhuurder. Die kan hij in de VvE vergadering dan weer inbrengen bij de andere leden van de VvE.
    12. Mogen er liggingscorrecties worden toegepast?
    Ja dat mag. Minister Kamp zal de Warmtewet op korte termijn wijzigen om dit mogelijk te maken.
    13. Beschermt de Warmtewet ook afnemers van koude tegen te hoge tarieven?
    Nee, het vastrecht en het variabel tarief voor koude wordt niet door de Warmtewet gereguleerd. Gebruikers die zijn aangesloten op een warmte-koude opslagsysteem (wko) krijgen zowel warmte als koude geleverd. De Woonbond vindt dat de Warmtewet geen aanleiding mag zijn voor een leverancier om zonder reden de prijzen voor de levering van koude te verhogen. Technisch gezien is de afname van koude in de zomer een onvermijdelijk gevolg van de afname van warmte in de winter. Een verbruiker wordt dan geconfronteerd met onredelijk hoge kosten voor koude omdat hij noodgedwongen is aangesloten op een wko-installatie, terwijl verbruikers aangesloten op een reguliere gasaansluiting de vrijheid hebben om te kiezen voor een andere energieleverancier.